Veelgestelde vragen dieren

Op twee nertsenbedrijven in Venray is COVID-19 aangetroffen. Wat zijn de gevolgen hiervan? En wat zijn de gevolgen van corona voor de veehouderij en voor huisdieren? Vind hier het antwoord op uw vragen

Besmettingen bij nertsen

Op hoeveel bedrijven is het virus aangetroffen?

Het virus is aangetroffen op 18 nertsenbedrijven in Noord-Brabant en Limburg: zeven in Gemert-Bakel, één in Laarbeek, één in Deurne, zes in Sint Anthonis, twee in Venray en één in Uden. Tot 9 juni werd gesproken over besmette bedrijven en besmette locaties. Sommige bedrijven hebben meerdere locaties. Om onduidelijkheid te voorkomen, wordt vanaf 9 juni alleen gesproken over besmette bedrijven. Elke locatie wordt als een apart bedrijf beschouwd.

Er geldt een vervoersverbod voor nertsen. Hoe kunnen er dan toch nieuwe besmettingen worden gevonden?

Alle nertsenbedrijven in Nederland zijn gescreend. Naar aanleiding van deze screening zijn nieuwe besmettingen gevonden. Deze bedrijven zijn waarschijnlijk besmet geraakt voordat de algemene maatregelen voor nertsenbedrijven van kracht waren.

Is er een verband tussen deze bedrijven?

Er zijn voor zover bekend geen contacten geweest tussen de eerste vijf besmette bedrijven. Uitgezonderd drie bedrijven die dezelfde eigenaar hebben. Op vier bedrijven is overdracht van mens op dier waarschijnlijk. Er wordt nog verder onderzoek verricht naar mogelijke besmettingsroutes van de recent besmet bevonden bedrijven.

Waarom zijn de nertsen getest?

Op het eerste bedrijf waar besmettingen zijn gevonden hadden nertsen maagdarmklachten en ademhalingsproblemen. Ook was er een verhoogde mortaliteit. Deze verschijnselen waren aanleiding voor de betreffende dierenartsen om onderzoek te laten verrichten door de Gezondheidsdienst voor Dieren. Aangezien de dieren negatief testten voor de meest voor de hand liggende ziekten heeft de GD ook getest op aanwezigheid van SARS-CoV2. Dit is gedaan vanwege de vermeende gevoeligheid van nertsen voor infectie en omdat op de bedrijven personen werkten die ook COVID-19 verschijnselen hadden.

Naar aanleiding van de eerste gevonden besmettingen bij nertsen is een aangifteplicht ingesteld voor verschijnselen van COVID-19 bij nertsen. Ook worden alle nertsenbedrijven in Nederland verplicht gescreend. Door deze maatregelen zijn op meer bedrijven nertsen getest en zijn er meer besmettingen gevonden.

Hoe is vastgesteld dat de nertsen besmet zijn?

De Gezondheidsdienst voor Dieren (GD) heeft monsters genomen van overleden nertsen en deze met een PCR test onderzocht. Daaruit bleek een besmetting met COVID-19. Deze is inmiddels ook bevestigd door het nationale referentielaboratorium Wageningen Bioveterinary Research (WBVR).

Hoe zijn de nertsen met corona besmet geraakt?

Dat wordt momenteel nader onderzocht. De meest waarschijnlijke besmettingsroute is van mens op dier. Op een aantal locaties werkten personen die COVID-19 verschijnselen hadden. Uit onderzoek op de besmette bedrijven blijkt dat de nertsen het virus vervolgens op elkaar hebben overgedragen.

Hoeveel medewerkers zijn door nertsen besmet?

Op twee bedrijven is het aannemelijk dat een medewerker is besmet door een nerts. Het gaat in totaal om twee medewerkers. Eén van deze medewerkers is inmiddels hersteld.

Hoe hebben de besmettingen van nerts op mens plaatsgevonden?

De betreffende medewerkers hebben tussen de nertsen gewerkt in de periode dat nog niet bekend was dat de nertsen op de bedrijven besmet waren. Er gold toen nog geen advies voor persoonlijke beschermingsmiddelen.

Hoeveel boerderijkatten zijn besmet geraakt met het virus?

Op één bedrijf zijn bij 7 van de 26 geteste boerderijkatten antistoffen aangetoond tegen SARS-CoV-2. Het virus zelf is niet aangetoond. Dit betekent dat de katten besmet zijn geweest met het virus.

Hoe zijn de boerderijkatten besmet geraakt?

Het is niet vast te stellen hoe de katten de infectie hebben opgelopen. Op het bedrijf werkten personen met verschijnselen van COVID-19. Ook waren nertsen op het bedrijf besmet met het virus.

Wat doet de overheid om nieuwe besmettingen op te sporen?

Alle nertsenbedrijven in Nederland worden op 3 manieren in de gaten gehouden:

  • Via een aangifteplicht: Nertsenhouders, onderzoeksinstellingen en dierenartsen zijn verplicht om symptomen die kunnen wijzen op een SARS-CoV-2-besmetting bij nertsen, zoals ademhalingsproblemen en een verhoogde mortaliteit, te melden bij het landelijk meldpunt dierziekten. Dit kan via telefoonnummer 0455 46 31 88.
  • Via een early warning: Alle nertsenbedrijven moeten wekelijks verplicht kadavers inzenden van natuurlijk gestorven dieren. Hiermee kunnen nieuwe besmettingen snel worden ontdekt.
  • Via een screening: Op alle nertsenbedrijven worden bloedmonsters genomen die worden getest op aanwezigheid van SARS-CoV-2.

Via de early warning zijn 12 van de 18 besmette bedrijven opgespoord, de overige zes zijn via meldingen binnengekomen.

Welke maatregelen neemt de overheid op de besmette bedrijven?

Op de besmette bedrijven zijn in eerste instantie maatregelen genomen om verdere verspreiding van het virus te voorkomen. De bedrijven zijn op slot gegaan en voor medewerkers zijn aanvullende adviezen voor persoonlijke bescherming opgesteld. Op de bedrijven is onderzoek gedaan naar hoe het virus zich bij de nertsen gedraagt. Op basis van dit onderzoek is geconcludeerd dat er een risico is dat het virus op de bedrijven blijft circuleren. Deze bedrijven kunnen daarmee een bron vormen van her-infectie van mens en dier. Vanuit het oogpunt van volksgezondheid is dat onwenselijk. Daarom zullen de besmette bedrijven worden geruimd.

Er werd eerst gezegd dat er geen risico was voor de volksgezondheid. Waarom wordt er nu toch geruimd?

Op dit moment is mens-op-menscontact de drijver achter de humane epidemie. Omdat het virus niet in luchtmonsters buiten de stallen van besmette nertsenbedrijven is aangetoond, is het risico voor de volksgezondheid zeer klein.

Op de langere termijn is er echter een risico dat het virus op de bedrijven blijft circuleren. Deze bedrijven kunnen daarmee een bron vormen voor her-infectie van mens en dier. Nu het aantal mens-op-mensbesmettingen steeds verder afneemt, kan een nerts-op-mensbesmetting een relatief grotere rol spelen in de verspreiding van het virus onder mensen. Dat is vanuit het oogpunt van volksgezondheid onwenselijk.

Met de bestaande maatregelen wordt besmetting tussen bedrijven zoveel mogelijk voorkomen. Maar met deze maatregelen wordt de infectie op de bedrijven niet gestopt, en blijft de virusbron bestaan. De enige manier om de infectie op het bedrijf en de kans op verspreiding naar andere bedrijven te stoppen is het ruimen van de dieren op een besmet bedrijf.

Kunnen we niet wachten tot het virus op de bedrijven uitdooft?

De nertsenhouderij kent een jaarcyclus, waarbij de pups in het voorjaar geboren worden. Toen de eerste besmettingen op nertsenbedrijven werden gevonden, waren op veel bedrijven nog geen of weinig pups geboren. Inmiddels hebben de nertsen op alle bedrijven geworpen. Daardoor zijn er nu vijf tot zes keer zoveel dieren op het bedrijf zijn als bij het begin van de besmetting. Hierdoor kunnen er veel meer dieren worden besmet en kan er een tweede golf aan infecties ontstaan. Omdat er meer vatbare dieren zijn, kan het veel langer duren voordat deze tweede golf is uitgewoed en komt er mogelijk veel meer virus vrij. De kans dat besmette bedrijven een bron vormen voor her-infectie van mens en dier neemt daarmee toe. Dat willen we voorkomen.

Gaat de overheid alle nertsenbedrijven ruimen?

Alle nertsenbedrijven in Nederland worden gescreend. Alleen bedrijven waar besmettingen met SARS-CoV-2 worden gevonden, worden geruimd.

Waarom worden niet alle nertsenbedrijven geruimd?

Op grond van de Gezondheids- en Welzijnswet voor dieren kan de minister van LNV alleen besluiten tot het doden van zieke en verdachte dieren. Er is daarmee juridisch geen grond voor het verplicht ruimen van dieren op bedrijven die in de wekelijkse early warning negatief testen en waarbij geen besmetting is aangetoond. 

Hoeveel nertsen zijn er bij de ruiming gedood?

In totaal zijn op de 18 geruimde bedrijven ongeveer 30.000 moederdieren en 150.000 pups gedood.

Hoe worden de dieren gedood?

De nertsen worden gedood met apparatuur die al in de stallen aanwezig is. Mogelijk moet ook externe capaciteit worden ingezet. Er zal gebruik gemaakt worden van vergassing. De NVWA ziet erop toe dat de dieren op een verantwoorde wijze worden behandeld en gedood. Ook een onafhankelijke Dierenwelzijnscommissie ziet toe op het correct behandelen van de nertsen.

Wat gebeurt er met de dieren als ze dood zijn?

Nadat de dieren zijn gedood, worden de kadavers afgevoerd en vernietigd.

Worden de nertsenhouders vergoed?

Als de overheid besluit tot ruiming, moet de overheid de geruimde dieren vergoeden. Deze vergoeding is bij verdachte dieren de waarde in gezonde toestand en bij zieke dieren een deel van die waarde. De marktwaarde wordt bepaald door de WUR. De vergoeding wordt gefinancierd vanuit het Diergezondheidsfonds.

Gaan deze nertsenhouders hierna stoppen? Of mogen ze opnieuw gaan fokken?

Nertsenhouders kunnen niet meteen opnieuw nertsen plaatsen op hun bedrijf. Na de ruiming moeten de stallen een periode leeg blijven tot het risico is geweken dat nog levend virus in de stallen aanwezig is. Daarna worden de stallen schoongemaakt en ontsmet. Bovendien geldt een landelijk vervoersverbod voor nertsen. Zolang dat verbod er is, kunnen er geen nieuwe nertsen naar een leeg bedrijf worden gebracht. Gezien de huidige omstandigheden is het denkbaar dat een nertsenhouder vervroegd af wil zien van het houden van nertsen. Het kabinet onderzoekt of en zo ja hoe, een vrijwillige stoppersregeling voor de nertsenhouders kan worden vormgegeven.

Welke maatregelen neemt de overheid op de andere nertsenbedrijven?

Nertsenhouders, onderzoeksinstellingen en dierenartsen zijn verplicht om symptomen die kunnen wijzen op een SARS-CoV-2-besmetting bij nertsen, zoals ademhalingsproblemen en een verhoogde mortaliteit, te melden bij het landelijk meldpunt dierziekten (telefoonnummer 0455463188).

Omdat het virus op nertsenbedrijven aanwezig kan zijn zonder dat de dieren verschijnselen hebben, zullen alle nertsenbedrijven in Nederland verplicht gescreend worden. Ook moeten de bedrijven wekelijks verplicht kadavers inzenden van natuurlijk gestorven dieren. Hiermee kunnen eventuele nieuwe besmettingen snel ontdekt worden (early warning).

In ieder geval zolang de uitslag van de screening nog niet bekend is, gelden voor alle nertsenbedrijven enkele voorzorgsmaatregelen:

  • een vervoersverbod voor nertsen en mest van nertsen;
  • een hygiëneprotocol voor bezoekers en vervoersmiddelen;
  • een bezoekersverbod voor de stal;
  • een verplichting om te zorgen dat katten en honden het bedrijf niet kunnen verlaten of de verblijfsplaatsen kunnen binnenkomen.

Daarnaast is het hygiëneprotocol van nertsenbedrijven aangescherpt, waarbij ook aandacht is voor het testen van medewerkers. Nertsenhouders en -verzorgers met klachten passend bij COVID-19 worden geadviseerd zich te laten testen en niet in de stal te komen tot uit de test blijkt dat er geen sprake is van COVID-19. Dit geldt ook voor nertsenhouders en -verzorgers wier huisgenoten klachten hebben passend bij COVID-19.

Tot slot onderzoekt het kabinet of en zo ja hoe, een eenmalige stoppersregeling kan worden vormgegeven waarmee deze bedrijven op korte termijn vrijwillig hun bedrijfsvoering kunnen beëindigen.

Hoe lang gaat de screening van andere nertsenbedrijven duren?

De resultaten van de screening zijn bekend. Op alle nertsenbedrijven in Nederland zijn monsters genomen. Binnenkort wordt bepaald of en hoe de screening zal worden voortgezet.

Zijn naar aanleiding van de screening en early warning nieuwe besmettingen gevonden?

Naar aanleiding van de early warning en screening zijn op 12 nieuwe nertsenbedrijven besmettingen aangetroffen. In totaal zijn er 18 bedrijven besmet.

Zijn er risico’s voor de volksgezondheid?

Op dit moment is mens-op-menscontact de drijver achter de humane epidemie. Omdat het virus niet in luchtmonsters buiten de stallen van besmette nertsenbedrijven is aangetoond, is het risico voor de volksgezondheid zeer klein.

Op de langere termijn is er echter een risico dat het virus op de bedrijven blijft circuleren. Deze bedrijven kunnen daarmee een bron vormen voor nieuwe infecties van mens en dier. Nu het aantal mens-op-mensbesmettingen steeds verder afneemt, kan een nerts-op-mensbesmetting een relatief grotere rol spelen in de verspreiding van het virus onder mensen. Dat is vanuit het oogpunt van volksgezondheid onwenselijk. Daarom worden alle besmette bedrijven geruimd.

Moeten omwonenden van de besmette nertsenbedrijven zich zorgen maken?

Er is geen reden om aan te nemen dat het virus zich over grotere afstanden zal verspreiden. Het virus is niet aangetroffen in luchtmonsters die zijn genomen buiten de stallen. Daarom is het oorspronkelijke advies voor omwonenden om in een straal van 400 meter rond een besmet nertsenbedrijf niet te wandelen of fietsen ingetrokken. Op de langere termijn is er wel een risico dat het virus op de bedrijven blijft circuleren, en dat deze bedrijven een besmettingsbron vormen voor her-infectie van mens en dier. Daarom worden de besmette bedrijven geruimd.

Kunnen nertsen ontsnappen en het virus overdragen op andere dieren?

Uit onderzoek op twee besmette nertsenbedrijven blijkt dat de nertsen het virus waarschijnlijk aan elkaar kunnen overdragen. Of zij het ook aan andere dieren kunnen overdragen is niet bekend. Het komt af en toe voor dat een nerts ontsnapt. Nertsenbedrijven nemen maatregelen om dit zoveel mogelijk te voorkomen. Alle nertsenbedrijven in Nederland worden gescreend. Bedrijven waar besmettingen worden gevonden, worden geruimd.

Kunnen de boerderijkatten het virus overdragen naar andere katten of andere dieren?

Er wordt onderzocht of de boerderijkatten een rol hebben gespeeld in de verspreiding van het virus. Uit experimenteel onderzoek is gebleken dat katten het virus over korte afstand aan elkaar kunnen overbrengen. Het is niet bekend of dat ook in de praktijk is gebeurd. Uit voorzorg worden alle nertsenhouders verplicht om ervoor te zorgen dat katten, honden en fretten het bedrijf niet verlaten en de verblijfsplaatsen niet kunnen binnenkomen. Om verspreiding van de katten van de besmette bedrijven te voorkomen, zullen deze op het bedrijf worden gevoerd.

Kunnen (wilde) muizen of ratten op de boerderij besmet worden en het virus verspreiden?

Uit onderzoek blijkt dat gewone muizen niet besmet konden worden met het coronavirus. Ook zijn er geen aanwijzingen dat ratten geïnfecteerd kunnen worden met SARS-CoV-2. Het risico voor mensen op blootstelling via geïnfecteerde ratten wordt met de huidige kennis als zeer gering ingeschat.

Vormen de besmette bedrijven na de ruiming nog steeds een gevaar voor de volksgezondheid?

Na de ruiming moeten de stallen een periode leeg blijven totdat het risico is geweken dat nog levend virus in de stallen aanwezig is. Daarna worden de stallen schoongemaakt en ontsmet.

Moeten mensen uit de omgeving van de besmette bedrijven hun huisdieren binnenhouden?

Sinds 25 mei geldt de verplichting dat nertsenhouders er zoveel mogelijk voor moeten zorgen dat andere dieren (honden, katten en fretten) het bedrijf niet verlaten en niet kunnen binnenkomen. Voor alle huisdiereigenaren zijn adviezen opgesteld door het RIVM. Kijk op https://www.rivm.nl/coronavirus-covid-19/huisdieren voor de meest actuele adviezen.

De bedrijven liggen in een gebied waar ook uitbraken van Q-koorts en varkenspest zijn geweest. Is dat toeval?

De bedrijven liggen in een gebied waar veel vee wordt gehouden, met name pluimvee, varkens en nertsen. Er worden veel dieren worden gehouden en daarmee wordt de kans dat er dierziekten optreden ook groter. Varkenspest, Q-koorts en COVID-19 zijn verschillende ziekten, die worden veroorzaakt door verschillende ziektekiemen. Een vergelijking kan daarom niet worden gemaakt.

In Noord-Brabant zijn relatief veel mensen besmet met het coronavirus. In deze provincie wordt ook veel vee gehouden. Is er een relatie tussen het aantal coronabesmettingen en de veehouderij in dit gebied?

Waarschijnlijk niet. Er zijn geen aanwijzingen dat vee, zoals varkens en kippen, geïnfecteerd kan raken met het nieuwe coronavirus. Wel zijn nertsen bij meerdere nertsenbedrijven besmet geraakt. Hierbij hebben mensen waarschijnlijk in eerste instantie het virus overgedragen op de nertsen, die wel geïnfecteerd kunnen worden met SARS-CoV-2. Of er andere factoren, zoals de luchtkwaliteit waar de veehouderij invloed op heeft, een rol spelen is nog onbekend. Daarom zal worden verkend welk onderzoek er gedaan kan worden om de relatie tussen luchtkwaliteit, veehouderij en COVID-19 te onderzoeken.

Houdt de overheid rekening met lessen die zijn geleerd van Q-koorts en MKZ?

Naar aanleiding van de uitbraken van Q-koorts en MKZ zijn evaluatierapporten opgesteld. De overheid volgt de aanbevelingen uit deze rapporten op. Sinds MKZ en Q-koorts zijn er veel zaken veranderd in de aanpak en in de overlegstructuren van de overheid. De overheid leert continu en neemt aanbevelingen en adviezen over.

Op hoeveel nertsenbedrijven is onderzoek gedaan?

Op de eerste vijf besmette bedrijven is voor langere tijd onderzoek gedaan naar hoe het virus zich op de bedrijven gedraagt.

Wat was het doel van het onderzoek op de besmette bedrijven?

Het doel van het onderzoek op de besmette bedrijven was meer inzicht te krijgen in het virus, de verspreiding van het virus van mens op dier, tussen dieren, van dier op mens, de pathologie en de verspreiding in het milieu. Met dit onderzoek is informatie verzameld over hoe het virus zich bij dieren gedraagt. Op basis van dit onderzoek is ook beoordeeld of er risico’s zijn voor de volksgezondheid.

Wat is er precies onderzocht?

Op de bedrijven zijn monsters verzameld van zieke dieren voor virusonderzoek. Ook zijn monsters van gezonde dieren verzameld voor antistoffen zodat duidelijk wordt of dieren zonder verschijnselen ook geïnfecteerd kunnen zijn. Ondanks dat niet wordt verwacht dat het virus zich over grotere afstanden zal verspreiden, zijn uit voorzorg ook lucht- en stofmonsters genomen in de omgeving van het bedrijf. Dit om na te gaan of hier virus in aangetoond kan worden. Daarnaast is er onderzoek op mest gedaan. Ook zijn eventuele katten op het bedrijf in het onderzoek meegenomen, aangezien katten ook gevoelig zijn voor SARS-CoV-2.

Wat zijn de uitkomsten van het onderzoek?

De bevindingen van het onderzoek op de eerste vijf besmette nertsenbedrijven zijn inmiddels bekend:

  • SARS-CoV-2 infectie bij nertsen kan leiden tot longontsteking en tot sterfte. Nertsen kunnen het virus ook bij zich dragen zonder dat ze verschijnselen vertonen.
  • Op de besmette bedrijven lijkt het virus al meerdere weken aanwezig.
  • Er is onderzoek gedaan naar de mogelijke besmettingsbronnen van de nertsen. Daarvoor wordt traceringsonderzoek van de NVWA uitgevoerd. Mogelijk hebben twee bedrijven dezelfde besmettingsbron gehad of elkaar onderling besmet.
  • Er is onderzoek gedaan naar de eigenschappen van het virus dat is aangetroffen op de nertsenbedrijven. Daaruit blijkt dat nertsen het virus waarschijnlijk ook op elkaar hebben overgedragen. Daarnaast is het aannemelijk dat twee medewerkers van de besmette bedrijven het virus hebben gekregen van een nerts. Er hebben dus waarschijnlijk besmettingen plaatsgevonden van dier op mens.
  • Op de eerste twee bedrijven is virus aangetoond in stofdeeltjes in de stal. Het is dus belangrijk dat personen in de stal voorzorgsmaatregelen nemen en het advies van de GGD opvolgen.
  • In de series luchtmonsters op de eerste twee bedrijven werd geen virus aangetoond in luchtmonster die zijn genomen buiten de stal.
  • Bij 7 van de 26 geteste boerderijkatten op een van de bedrijven zijn antistoffen aangetoond tegen SARS-CoV-2. Het virus zelf is niet aangetoond. Dit betekent dat de katten besmet zijn geweest met het virus. Het is niet vast te stellen hoe de katten de infectie hebben opgelopen.
  • De pups die inmiddels zijn geboren kunnen antistoffen krijgen van hun moeder. Deze antistoffen zullen in de loop van de tijd afnemen. Daarom zouden de pups in een later stadium wel weer vatbaar kunnen zijn voor het virus.

Hoe is de besmetting van nerts op mens vastgesteld?

Onderzoekers hebben de genetische code van de virussen die zijn aangetroffen bij nertsen vergeleken met de genetische code van de virussen die zijn aangetroffen bij de medewerkers van het besmette nertsenbedrijf. Op basis daarvan is een stamboom gemaakt. Daaruit kan een beeld worden gekregen van de manier waarop mensen en dieren in tijd en plaats zijn besmet. Op grond daarvan is geconcludeerd dat ten minste twee medewerkers van de besmette nertsenbedrijven het virus waarschijnlijk van nertsen hebben opgelopen.

Welke rol speelden de boerderijkatten bij de verspreiding van het virus?

Dat is nu niet bekend. Er wordt onderzocht of zij een rol hebben gehad in de besmetting tussen nertsenbedrijven. Uit voorzorg worden alle nertsenhouders verplicht om ervoor te zorgen dat katten, honden en fretten het bedrijf niet verlaten en de verblijfsplaatsen niet kunnen binnenkomen.

Worden naast de besmette bedrijven ook andere bedrijven onderzocht?

Omdat het virus op nertsenbedrijven aanwezig kan zijn zonder dat de dieren verschijnselen hebben, zullen alle nertsenbedrijven in Nederland gescreend worden. Er wordt bloedonderzoek gedaan om te kijken of dieren op deze bedrijven mogelijk ook besmet zijn geraakt. Daarnaast worden konijnenbedrijven in de omgeving op dezelfde manier onderzocht, omdat uit onderzoek blijkt dat konijnen ook vatbaar zijn voor het virus.

Hoe groot is de nertsenhouderij in Nederland? Wat is de toegevoegde waarde van deze sector?

In Nederland zijn ongeveer 140 pelsdierbedrijven, waarin 1600 werknemers actief zijn. Samen houden zij ruim 800.000 nertsen (moederdieren). De pelzen worden voor het grootste deel geëxporteerd, met een totale omzet van circa €90 miljoen per jaar. In 2013 is er in Nederland een verbod op de persdierhouderij gekomen. Dit betekent dat er geen nieuwe pelsdierhouderijen mogen bijkomen. Bestaande nertsenhouderijen mogen onder voorwaarden tot 1 januari 2024 blijven bestaan. Maar ze mogen niet meer uitbreiden.

Wordt de afbouw van nertsenhouderijen in Nederland nu versneld?

Nertsenhouders moesten al vóór 2024 stoppen. Het kabinet onderzoekt  of en zo ja hoe, een eenmalige stoppersregeling kan worden vormgegeven waarmee deze nertsenhouders op korte termijn vrijwillig hun bedrijfsvoering kunnen beëindigen.

Waarom wordt er geen fokverbod ingesteld op nertsen?

Een fokverbod heeft nu niet veel zin. De dieren hebben net geworpen en worden pas volgend jaar weer gedekt.

Ik ben nertsenhouder/-verzorger en heb klachten passend bij COVID-19. Wat moet ik doen?

We weten dat nertsen gevoelig zijn voor besmetting met het coronavirus. Daarom adviseren we u contact op te nemen met de GGD om uzelf te laten testen. Ook als uw huisgenoot klachten heeft, moet deze persoon zich laten testen. U mag niet in de stal komen tot uit de test blijkt dat er geen sprake is van COVID-19.

Mocht uit de test blijken dat er wel sprake is van COVID-19 bij u of uw huisgenoot, dan adviseert de GGD u over maatregelen om verspreiding van de besmetting te voorkomen. Het is van belang dat u niet in contact komt met de nertsen. Het advies is om de nertsen in dat geval door andere medewerkers te laten verzorgen. Is het praktisch gezien echt niet haalbaar om de nertsen door anderen te laten verzorgen, dan is het advies een niet-zieke huisgenoten met persoonlijke beschermingsmiddelen de nertsen te laten verzorgen. De GGD en de NVWA kunnen adviseren over de te volgen werkwijze en de persoonlijke beschermingsmiddelen.

Veehouderij en landbouwdieren

Zijn er in Nederland of het buitenland gevallen bekend van landbouwdieren met het coronavirus?

Nee, naast de gevonden besmetting bij nertsen zijn er op dit moment nog geen gevallen bekend waarbij het coronavirus is geconstateerd bij landbouwhuisdieren. Uit onderzoeken in China en Duitsland blijkt dat varkens en kippen niet besmet konden worden met het coronavirus.

Wat zijn de gevolgen van deze besmetting voor andere veehouders? (varkens, koeien, kippen etc.)

Er zijn geen aanwijzingen dat landbouwhuisdieren, zoals koeien, varkens, kippen, schapen en geiten, geïnfecteerd kunnen raken met het coronavirus. Fretten zijn nauw verwant aan nertsen, en fretten zijn vatbaar voor het virus. Ook konijnen zijn gevoelig voor het virus. In deze onderzoeken konden varkens, kippen en eenden niet worden besmet.

Gaan er nu meer (landbouw)dieren getest worden?

Het ministerie laat onderzoeken in hoeverre het coronavirus voorkomt bij varkens, katten, nertsen en konijnen. In het kader van dat onderzoek zullen dieren worden getest.

Wat zijn de gevolgen wanneer er in Nederland een geval bekend wordt van corona bij een landbouwhuisdier?

In het geval dat er een landbouwdier met COVID-19 besmet raakt, zullen LNV en VWS gezamenlijk besluiten over de te nemen maatregelen. De samenwerking tussen LNV en VWS verloopt volgens het ‘beleidshandboek crisisbesluitvorming zoönose’.

Kunnen koeien en andere dieren nog gewoon in de wei staan?

Er is op dit moment geen enkele aanleiding om dieren binnen te houden. Koeien en andere landbouwhuisdieren kunnen dus gewoon, als dat past binnen de normale bedrijfsvoering, naar buiten.

Waarom is COVID-19 niet aangifteplichtig voor alle veehouders?

Dierziektes zijn niet aangifteplichtig, tot daar een reden voor is. Naar aanleiding van de besmettingen op nertsenbedrijven heeft Minister Schouten aangekondigd dat nertsenhouders, dierenartsen en onderzoeksinstellingen vanaf 20 mei 2020 verplicht zijn om symptomen die kunnen wijzen op een Covid-19-besmetting bij nertsen, zoals ademhalingsproblemen en een verhoogde mortaliteit, te melden bij het landelijk meldpunt dierziekten (telefoonnummer 0455463188). Omdat andere dieren in de veehouderij niet gevoelig lijken voor SARS-CoV-2, wordt nu alleen voor nertsen een meldplicht ingesteld.

Wat moet ik als veehouder doen wanneer ik COVID-19 heb?

Hoewel er geen bewijs is dat landbouwhuisdieren zoals varkens, kippen en koeien geïnfecteerd kunnen worden, geldt voor voedselproducerende dieren het voorzorgsprincipe totdat meer bekend is over de risico’s. Voor veehouders met COVID-19 is het advies om contact met hun dieren te vermijden, niet in de stal te komen en anderen voor de dieren te laten zorgen.

Wat moet ik als veehouder doen wanneer ik één van mijn landbouwhuisdieren verdenk met het coronavirus besmet te zijn?

Neem telefonisch contact op met uw dierenarts.

Kan ik iets doen om besmetting en overdracht van het virus op mijn veehouderij te voorkomen?

Zorg voor het naleven van de algemene hygiëneregels, die ook van toepassing zijn voor het voorkomen van de introductie van dierziekten. Pas de hygiënemaatregelen toe bij het betreden van de dierverblijven, laat geen onnodig bezoek toe op het bedrijf, en vraag iemand anders de dieren te verzorgen als u COVID-19 patiënt bent. Voor alle nertsenbedrijven zijn extra preventiemaatregelen opgesteld.

Huisdieren

Moeten mensen met huisdieren zich nu zorgen maken?

Hoewel er twee incidentele besmettingen van een nerts op de mens zijn geweest, is het advies voor de omgang met huisdieren niet veranderd. De kans dat dieren in huishoudens besmet raken met het virus en een rol spelen in de verspreiding van het virus wordt zeer klein geacht. Patiënten met (klachten passend bij) COVID-19 vermijden uit voorzorg contact met hun dieren. Zieke dieren van patiënten met (klachten passend bij) COVID-19 blijven zo veel mogelijk binnen. Mensen die vermoeden dat hun dier COVID-19 heeft, adviseren we telefonisch contact op te nemen met hun dierenarts. De NVWA besluit samen met de dierenarts of aanvullend onderzoek nodig is.

Kunnen huisdieren besmet raken met het nieuwe coronavirus?

Er zijn wereldwijd enkele gevallen van huisdieren die besmet zijn met het nieuwe coronavirus, waaronder een hond en enkele boerderijkatten in Nederland. Meestal waren de eigenaren van het dier ook ziek en positief getest op het nieuwe coronavirus. De kans dat een huisdier besmet raakt en vervolgens een ander dier of mens besmet is zeer klein in vergelijking met besmetting van mens op mens.

Welke huisdieren zijn gevoelig voor het virus?

Er zijn enkele gevallen bekend van katten en honden die besmet zijn geraakt met het nieuwe coronavirus. Ook van hamsters en fretten weten we dat zij besmet kunnen raken en ziek kunnen worden van het nieuwe coronavirus. Uit experimenteel onderzoek is gebleken dat ook konijnen gevoelig zijn.

Kunnen mensen besmet worden door hun huisdier?

De kans dat (huis)dieren besmet raken met het virus en een rol spelen in de verspreiding van het virus wordt zeer klein geacht. Het grootste risico zit in de overdracht door contact tussen mensen onderling. De adviezen van het RIVM voor de omgang met huisdieren blijven ongewijzigd.

Kunnen huisdieren elkaar besmetten?

Uit experimenteel onderzoek is gebleken dat katten het virus over korte afstand aan elkaar kunnen overbrengen. Van andere huisdieren, zoals honden of konijnen, is niet bekend of ze het virus aan elkaar kunnen overdragen. Van de nertsen is het wel bekend dat zij het virus op andere nertsen kunnen overdragen.

Moet een huisdier met het coronavirus euthanasie krijgen?

Nee, euthanasie vanwege besmettingsgevaar hoeft niet. Heb je klachten die passen bij het coronavirus en is je huisdier ook ziek? Vermijd zoveel mogelijk het contact met je zieke huisdier en laat het huisdier buiten niet los rondlopen. Neem zo nodig telefonisch contact op met de dierenarts.

Ik heb een huisdier en ik maak me zorgen. Wat moet ik doen?

De kans is klein dat huisdieren besmet raken met het nieuwe coronavirus of dat huisdieren jou kunnen besmetten. Uit voorzorg zijn voor eigenaren van huisdieren adviezen opgesteld. Kijk op https://www.rivm.nl/coronavirus-covid-19/huisdieren voor de meest actuele adviezen.

Komt er een meldplicht voor huisdieren die besmet zijn?

Om een goed beeld te krijgen van verdenkingen van COVID-19 bij dieren en testuitslagen bij dieren worden dierenartsen en laboratoria gevraagd om verdenkingen en positieve testuitslagen bij de NVWA te melden.